Palmblad.nl

exotische dieren en planten

De dwergpalm

Posted by admin on mei 21, 2011 under

De enige in Europa echt inheemse palmensoort is Chamaerops humilis. Alle andere palmensoorten zijn in principe aangeplant op misschien een enkele dadelpalm op Kreta na. De dwergpalm groeit op allerlei plaatsen in de warmere delen van het Middellandse-Zeegebied, in bossen, tussen struikgewas, op kalkrotsen enzovoorts. Een aparte, meer blauwiggroene vorm groeit in het Rifgebergte in Marokko, is er een compacte vorm die afkomstig zou zijn van het eiland Volcano bij Sicilië en zo zijn er nog wat variaties, maar het genus Chamaerops omvat maar één soort. De palmen die soms worden aangeboden onder de naam Chamaerops excelsa, zijn Trachycarpus fortunei.

De dwergpalm is een makkelijke plant. In zijn natuurlijke woongebied groeit hij onder bijna alle omstandigheden, droog of wat natter, in de schaduw of in de felle zon: het lijkt niet uit te maken. Voedselarme grond lijkt eerder een voordeel dan een nadeel voor deze palm. Alleen langdurig natte wortels zijn een bezwaar, hoewel hij ook wel in rivierbeddingen groeit als die een groot deel van het jaar droog staan. Een nadeel is, dat de plant niet echt snel groeit en hoge exemplaren zijn zeldzaam (en duur). Gekweekte planten zijn vaak meerstammig. Dat hangt af van de omstandigheden, waaronder de planten groeien. In droge gebieden zijn ze bijna altijd enkelstammig, maar hoe vochtiger, des te vaker ze meer stammen maken. In kwekerijen zijn de omstandigheden gunstig voor meerstammige groei. Op de stammen zitten de resten van oude bladstelen en rafelige vezels. Palmen met verschillende stammen vormen een dichte bos van stijve bladeren, waarvan de droge bladpunten werken als stekels. Daarnaast staan er op de bladstelen ook stekels, zodat de palm niet echt makkelijk in de omgang is. Bepaald geen plant voor een plaats, waar je wel eens langs moet. Dat zijn palmen eigenlijk nooit. De meeste zijn nogal gevoelig voor geregelde aanraking, maar de Europese dwergpalm zorgt er zelf wel voor, dat passanten afstand houden.

De Europese dwergpalm is tweehuizig. Vrouwelijke bloemen staan in korte trossen tussen de bladstelen. Mannelijke bloemen staan in iets langere, dichte trossen. De vrouwelijke bloemen worden bestoven door de wind (er moet dus een mannelijke plant in de buurt staan, waarvan het stuifmeel de goede richting opwaait), waarna zich oranje, dadelachtige vruchten vormen. De zaden daarin kiemen makkelijk. Het duurt alleen enige jaren, voordat de planten die eruit komen enigszins op een echte palm gaan lijken. De eerste bladeren lijken wat op stijf gras en zijn nog niet gewapend, zodat ze in de natuur door grazende dieren worden gegeten.
Behalve als pot- of kuipplant is deze palm met enige moeite ook als winterharde, vaste plant in de tuin te kweken. Daar moeten ze een warme en droge plek hebben en liefst zo zonnig mogelijk. In de winter kunnen ze redelijk wat vorst verdragen, maar dan moeten ze wel goed droog staan. Het beste is de planten tegen vorst te beschutten. Een oude paraplu als dakje tegen de winterregen en verder vliesdoek om de stam of een soort minikasje over de plant heen bouwen houdt ze verder droog. In perioden met strenge vorst, waarbij ook overdag de temperatuur onder nul blijft, is het een veilig idee de plant een beetje bij te verwarmen met een verwarmingskabeltje. Droogte blijft echter de belangrijkste factor voor overleven en ook zonder verwarming, maar goed droog hebben dwergpalmen de afgelopen winter in de Benelux goed overleefd.