|
|
||
|
Kakkerlakken kweken staat niet erg hoog aangeschreven. De eerste
associatie is al gauw met diertjes, die in sommige wijken voor
overlast zorgen of het verblijf in een wat goedkoper hotel in de
tropen tot een bezoeking maken. Dat betreft echter slechts een paar
soorten uit de grote familie der kakkerlakken. Onder de andere
soorten zitten interessante dieren, die normaal gesproken niet echt
een plaag zullen worden.
De grote, sissende kakkerlak mist een aantal eigenschappen van de
keukenplagen: grote, sissende kakkerlakken zijn langzaam, schoon
en ruiken nauwelijks. Wel zijn ze vooral in de nacht actief en zijn ze
net als de échte kakkerlakken erg sterk.
Sissende kakkerlakken zijn afkomstig van Madagaskar, waar ze op
de bosbodem van rottend materiaal leven. Het sissen wordt
veroorzaakt, doordat de dieren met kracht lucht door hun
tracheeën naar buiten blazen. Tracheeën zijn het
buizenstelsel in het lichaam van insecten, dat voor de ademhaling
zorgt. Het sissen moet vijanden op andere gedachten brengen, maar
dat blijkt maar zelden echt te werken. Een volwassen kakkerlak is
zeven centimeter lang en twee tot drie centimeter breed. De dieren zijn te houden in een eenvoudig aquarium of een plastic voorraaddoos. Ze hebben meer aan bodemruimte dan aan hoogte. Met papieren kokertjes en in elkaar gestapelde eierdozen kunnen verplaatsbare schuilplaatsen worden aangebracht. Een gazen deksel of een andere geventileerde afdekking is gewenst: de dieren lopen tegen glas op. Soms wordt wel aangeraden de bovenrand van een aquarium met vaseline in te smeren. Dat houdt de kakkerlakken inderdaad een tijdlang binnen. Maar het wordt op een gegeven moment wel vuil. Dan kan het gebeuren, dat het te laat vervangen wordt door een nieuwe rand en er toch kakkerlakken ontsnappen. Daarbij is het uitgesloten, dat ze een plaag zullen gaan vormen. Deze kakkerlakken houden van een hoge luchtvochtigheid en warmte. Overdag mogen ze behoorlijk warm, 30 tot 35 graden, en 's nachts mogen ze afkoelen tot zo'n 22 graden. Soms is een plaats boven op een terrarium daarvoor al goed genoeg. Ze kunnen het ook heel goed doen in een koelere omgeving, maar hun levenstempo ligt dan een stuk lager. Ze zullen minder bewegen, niet snel groeien en zich maar matig voortplanten.
Als voedsel krijgen ze gemalen katten- of hondenbrokken,
aangevuld met stukjes fruit en groenten. Overbodig te vermelden,
dat die groenten wel vrij van insecticiden moeten zijn. Het voedsel
moet om de dag ververst worden. Een natte spons kan voorzien in
de waterbehoefte. Een goed lopende kweek van deze kakkerlakken zal misschien niet het hoofdvoedsel voor een collectie grote insecteneters kunnen vormen, maar toch wel een welkome afwisseling. En bovendien, voor sommige dieren zoals bepaalde kameleons en platstaartgekko's (Uroplatus), zijn deze zelfde soort sissende kakkerlakken ook in de natuur een prooi. |
||